Hoe ik waterdruppels fotografeer

Hoe ik waterdruppels fotografeerMijn druppelfoto’s zijn niet het resultaat van photoshop-manipulatie. Ik gebruik photoshop alleen voor de normale kleur- en contrastbewerkingen en af en toe om wat ongewenste spetters en stofjes weg te werken.

Timing

Het is belangrijk om heel nauwkeurig te kunnen bepalen wanneer de druppels vallen en hoe groot ze zijn. Ik gebruik hiervoor meerdere magneetventielen die worden aangestuurd door een ‘GlimpseCatcher‘, een apparaat dat hier speciaal voor ontwikkeld is. Hiermee kan ik tot op de miliseconde nauwkeurig bepalen wanneer de druppels vallen en hoe groot ze zijn (hoe lang het ventiel open blijft).

Dit alles is tot op zekere hoogte ook mogelijk met eenvoudigere middelen (ik heb in het begin van alles geprobeerd: van pipetjes en boterhamzakjes met gaatjes erin tot een bewateringssysteem voor kamerplanten) maar door het gebruik van deze techniek kan ik nu gerichter op zoek naar de vorm die ik voor ogen heb. Het blijft een zoektocht omdat je nooit precies kunt voorspellen hoe de druppels zich gedragen en dat maakt het voor mij zo fascinerend.

‘Sluitertijd’

Een ander belangrijk element is het moment van het nemen van de foto. Dit gebeurt inmiddels ook computergestuurd. Het ‘bevriezen’ van de beweging gebeurt, zoals bij alle vormen van high-speed fotografie, niet door gebruik te maken van een hele korte sluitertijd (die kan in een verduistere kamer zonder probleem op een halve seconde staan) maar door de flitsers. Deze staan ingesteld op een laag vermogen waardoor de duur van de flits nog korter wordt. Ik stel ze meestal in op 1/64 van het vermogen waardoor ik een belichtingstijd bereik van ongeveer 1/18000 seconde. Dit is met geen normale camera te bereiken.

Vloeistoffen

De viscositeit (‘stroperigheid’) van de vloeistof is van grote invloed op de vormen die ontstaan. Ik begin meestal met gewoon leidingwater wat ik verdik met guar gom. Hierdoor wordt het water ‘dikker’ en worden de vormen minder chaotisch. Af en toe gebruik ik melk of een mengsel van melk, water en guar gom. Hierdoor krijgen de druppels wat meer structuur.

Kleuren

De kleuren ontstaan door het gebruik van kleurstoffen en/of gels voor de flitsers. De meeste foto’s zijn van achteren belicht, vaak door een plaat plexiglas om het licht gelijkmatiger te verspreiden. Door het gebruik van deze belichting, lijkt het oppervlaktewater de kleur te hebben van de flitsers. Pas als het water omhoog komt, zie je de daadwerkelijke kleur of, preciezer, een mix van de kleur van het oppervlaktewater en de kleur van de druppels. Door hiermee te spelen, zijn allerlei kleurcombinaties te maken. Bij de foto’s met een zwarte achtergrond komt het licht van zijkanten. Hierbij is het belangrijk ervoor te zorgen dat er geen licht op de achtergrond valt. Hiervoor gebruik ik snoots, grids en heel veel papier en plakband. Veel plakband.